Surrealisme Surrealism
|
|
|
De tijd, verjaard in het duister lawaai,
onderweg naar een nieuwe dimensie,
ontsteekt zijn onzichtbaar gebied
met meer licht in ’t verschiet:
een wenkend gezicht zonder grenzen,
dat niet
spoorloos als vuurwerk verwaait.
na vandaag
wederom een morgen
terwijl dit moment wordt omgebogen
naar gedachte aan verleden
vervaagt de werkelijkheid
onderweg naar
herinnering
Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan rijken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen. Op haar oorschelp was een stipje te zien, dichterbij gekomen bleek het geen stip maar een kleine stad met gebouwen en straten waar mensen zich voortbewogen als ware deze geïnjecteerd met slakkensap. Tussen deze menigte liep een jonge vrouw, ik besloot haar te volgen. Maar naar mate ik dichter bij kwam leek zij te verkleinen en andersom. De lamp in haar hand gaf een blauw kil licht, welke gevoed met energie van haar bloedsomloop wat hoe dan ook ten koste ging van haar hartslag, deze moest duidelijk inleveren maar bleef niettemin toch kloppen met een cadans van eenenveertig. Ik volgde haar tot in de poppenfabriek waar zij voor mij uit naar binnen ging, door een deur welke werd bediend zonder tegels uit een ver verleden. Eenmaal binnen worstelde zij zich door de honderden kamers, welke niet van elkaar waren te onderscheiden doordat deze gekleurd waren met een transparant, een transparant zoals de huid van een regenworm. Ten slotte aangekomen in het hart van de fabriek, waar een zaal zo groot als de gedachte kan reiken en de lucht van kaneel en lavendel dwaalde. Zij knielde bij de rand van een vijver met glazen fontein. Ik naderde tot vlak achter haar toen zij zich plots omdraaide, een geheimzinnige lach van een mooi gezicht trof mij welke ik bewonderenswaardig aanschouwde, uren, dagen, weken, jaren gingen voorbij toen zij met haar rechterhand haar lange zwarte haar achter haar rechteroor zwierde, waardoor deze geheel vrij kwam, de vorm van het oor was perfect en niets belemmerde mij daarop in te zoomen.
©W den Broeder januari 2010
Surrealisme Surrealism Surrealist Surreal Surrealist Surrealisten Surréalisme Surrealismus Surrealismo Surreal Automatisme Andre Breton Savador Dali Holland Dada Nederland Hollande Netherlands Surrealistische Beweging Brumes Blondes Phases Gerucht Faits d'hiver Cobra Moderne Avant-Garde Links Jeroen Bosch gala Andre Breton Picasso Vertaler Translator Parijs Paris Max Ernst Joop Moesman Fedde Weidema Hendrik Poesiat Wijmans Wagenaar van Moerkerken Lehmann Theo Van Baaren Pieter Ouborg Dada Futirisme Kubisme Quillaume Apolinaire Rene Magritte Giorgio de Chirico Marcel Duchamp Kunst Poezie Poem Dali Jan Svankmajer Luis Bunuel Painting Artist Schilderkunst Willem den Broeder Boymans van Beuningen Museum Utrecht Rotterdam Eva Svankmajerrová Praag Londen Amsterdam Berlijn Kunstgeschiedenis Schiedam Kunst Expositie Rik Lina Kabinet Hendrik Beekman